,
arrow_back

Een gevel die in het riool begon

In De Meern staat een bedrijfsgebouw bekleed met wc-papier. Niet met de rollen, maar met de cellulose die erin zit, teruggewonnen uit rioolwater en verwerkt tot een gevel. Op 26 mei 2026 plaatste hoogheemraad Nanda van Zoelen van De Stichtse Rijnlanden het laatste paneel. Het gebouw is van hetzelfde waterschap dat de grondstof leverde. De kringloop sluit zichzelf.

Het probleem dat niemand ziet

Nederland spoelt jaarlijks zo'n 180.000 ton wc-papier door het toilet. Dat papier verdwijnt niet. Het komt aan op de rioolwaterzuivering, waar het altijd is behandeld als overlast: iets om uit te filteren en af te voeren. Maar wc-papier bestaat grotendeels uit cellulose, dezelfde vezel die uit bomen komt en de basis vormt van papier, karton en bouwisolatie. Als afval kost het geld om weg te halen. Als grondstof is het een bron die voor het oprapen ligt.

Wat we hebben gemaakt

De Stichtse Rijnlanden wint die cellulose terug op de zuivering, als zeefgoed. Daar pakten wij het op. De uitdaging bij materiaalontwikkeling zit zelden in het idee. Die zit in consistentie. Een reststroom heeft een wisselende samenstelling. Een gevelpaneel moet een vaste norm halen. We ontwikkelden een Nabasco biocomposiet paneel dat precies dat doet. Het is sterk en vormvast. Het is bestand tegen UV, regen en vorst. De verwachte levensduur is minimaal 50 jaar. Het voldoet aan de brandveiligheidseisen die voor een gevel in de gebouwde omgeving gelden.

De gevel van 200 m² vroeg om het zeefgoed van 2.000 rollen wc-papier. Open Muur Architecten ontwierp de gevel zo dat de teruggewonnen vezel zichtbaar blijft in het oppervlak. Je kunt het materiaal aflezen aan de muur.

De impact van dit project

De biobased composieten gevel stoot 75% minder CO2 uit dan een bakstenen variant. Het terugwinnen van cellulose voorkomt extra bomenkap en bespaart energie. En elke kilo vezel die een paneel wordt, is een kilo die niet hoeft te worden afgevoerd en vernietigd. Drie keer winst uit één keuze: een schoner zuiveringsproces, een gevel met een lagere CO2-uitstoot en een reststroom die zijn waarde bewijst.

Dit is een begin, geen eindpunt

Cellulose uit rioolwater stopt niet bij gevels. Het werkt als bindmiddel in asfalt en voor damwanden. Dezelfde zuivering levert ook Kaumera, een biopolymeer dat wordt onderzocht als brandvertrager voor een volgende generatie panelen. De Meern is één toepassing van een veel groter idee: een zuivering is niet het eindstation. Het is een grondstoffenfabriek.

Interesse?

We zoeken projecten waar teruggewonnen materialen zich kunnen bewijzen als biocomposiet in nieuwe toepassingen. Ontwikkel je nieuwe producten en zoek je een sterk biobased alternatief? Neem contact op met NPSP Delft.

Prev: